11 August 2013

6a-1. Nederlands

{113/23}
MIN NOM IS FRÉTHO.RIK.
TONOMATH OERA.LINDA.
THAT WIL SEGZA OVIR THA LINDA.
TO LJUD.WARDJA BIN IK TO ASGA KÉREN.
LJUD.WARDJA IS EN NY THORP.
BINNA THENE HRING.DIK FON THÉR BURCH LJUD.GARDA.
HWÉR FON THA NOMA AN VNÉR KVMEN IS.

Mijn naam is Fretho-rik,

toegenaamd Oera-Linda,
dat wil zeggen over de linden.
Te Ljud-wardja ben ik tot Asga (rechtspreker) gekozen.
Ljudwardja is een nieuw dorp
binnen de ringdijk van de burcht Ljud-garda,
waarvan de naam in oneer gekomen is.

VNDER MINA TIDA IS FUL BÉRED.
FUL HÉDIK THÉRVR SKRÉVEN.
MEN AFTERNÉI SEND MI AK FÉLO THINGA MELD.
FON ÉN AND {114} OTHER
WIL IK EN SKÉDNESE AFTER THIT BOK SKRIWA.
THA GODA MANNISKA TO.N.ÉRE
THA ARGA TO VN.ÉRE.

Onder mijn tijden is veel gebeurd.

Veel heb ik daarover geschreven,
maar daarna zijn mij ook veel dingen gemeld.
Van een en ander
wil ik een geschiedenis achteraan deze bladen schrijven,
de goede mensen tot eer,
de erge tot oneer.

IN MIN JUGED HÉRD.IK GRÉDWIRD ALOMME.
ARGE TID KÉM
ARGE TID WAS KVMEN ~
FRYA HÉD.VS LÉTEN.
HJRA WAK.FAMKES HÉDE HJU ABEFTA HALDEN.
HWAND DROCHTEN.LIKANDA BYLDA
WÉRON BINNA VSA LAND.PALA FVNDEN.

In mijn jeugd hoorde ik klachten alom;

erge tijd kwam,
erge tijd was gekomen,
Frya had ons verlaten,
haar waakfamkes had ze achtergehouden,
want afgodgelijkende (gedrochtelijke) beelden
werden binnen onze landpalen gevonden.

IK BRONDE FON NYS.GIR.
VMBE THI BYLDA TO BISJAN. ~
IN VSA BURT STROMPELE EN OLD.FAMKE
TO THA HUSA UTA IN.
IMMER TO KÉTHANDE VR ARGE TID. ~
IK GIRDE HJA LING.SIDE.
HJU STRIK MI OMME KIN TO.

Ik brandde van nieuwsgier

om die beelden te bezien.
In onze buurt strompelde een oud famke
de huizen in en uit,
immer verkondigend over de erge tijd.
Ik gierde (liep schuin) langs haar zijde,
ze streek me om de kin.

NW WRD.IK DRIST
AND FRÉJE JEF HJU MI ARGE TID
AND THA BYLDA RÉIS WISA WILDE.
HJU LAKTE GODLIK
AND BROCHT MI VPPER BURCH.

Nu werd ik driest

en vroeg of ze me erge tijd
en de beelden eens wijzen wilde.
Ze lachte goedlijk
en bracht me op de burcht.

EN GRÉVA.MAN.FRÉJE MY
JEF IK AL LÉSA AND SKRIVA KV.
NÉ SÉID.IK.
THAN MOST ÉROST TO GA AND LÉRA SÉIDER
OWERS NE MÉI.T JOW NAVT WYSEN NI WRDE.

Een grijze man vroeg mij

of ik al lezen en schrijven kon.
Nee, zei ik.
Dan moet je dat eerst gaan leren, zei hij,
anders kan het je niet gewezen worden.

DYSTIK GVNG IK BI THA SKRIWER LÉRA. ~
ACHT JÉR LÉTTER HÉRD.IK
VSA BURCHFAM HÉDE HORDOM BIDRYVEN
AND SVME BURCH.HÉRA HÉDON VRRÉD PLÉGAD MITH THA MAGI.
AND FÉLO MANNISKA WÉRON VP HJARA SIDA.

Dagelijks ging ik bij de schrijver leren.

Acht jaar later hoorde ik
dat onze burchfam hoerdom bedreven had
en sommige burchheren hadden verraad gepleegd met de Magi
en vele mensen waren aan hun zijde.

WRAL KÉM TWISPALT.
THÉR WÉRON BERN
THÉR VPSTANDON AJEN HJARA ELDRUM.
INNA GLUPPA WRDON THA FRODA MANNISKA MORTH.
THET ALDE FAMK
THÊR ELLA BAR {115} MAKADE
WARTH DAD FVNDEN IN.EN GRUPE.

Overal kwam tweespalt.

Er waren kinderen
die opstonden tegen hun ouders.
In gluppen (smalle straten) werden de vroede (deugdzame) mensen vermoord.
Het oude famk
die alles openbaar maakte
werd dood gevonden in een greppel.

MIN TAT THÉR RJUCHTER WÉRE
WILDE HJA WRÉKEN HA.
NACHTIS WARHT.ER IN SIN HUS VRMORTH.
THRJU JÉR LÉTTER WÉR THENE MAGI BAS. SVNDER STRID.

Mijn pa die rechter was

wilde haar gewroken hebben.
Nachts werd hij in zijn huis vermoord.
Drie jaar later was de Magi baas zonder strijd.

THA SAXMANNA WÉRON FROME AND FROD BILYWEN.
NÉI THAM FLJUCHTON ALLE GODE MANNISKA.
MIN MAM BISTVRV.ET.
NW DÉD IK LIK THA OTHERA.

De saxmannen waren vroom en vroed gebleven.

Naar hen vluchtten alle goede mensen.
Mijn ma bestierf het.
Nu deed ik als de anderen.

THI MAGI BOGADE VPPA SINRA SNODHÉD.
MEN JRTHA SKOLD.IM THANA
THAT HJU NÉN MAGI NER AFGODA
TO LÉTA NE MACHTE TO THÉRE HÉLGE SÉTA
HWÉRUT HJU FRYA BÉRADE.


De Magi boogde op (roemde) zijn snoodheid.
Maar Jrtha zou hem tonen
dat ze geen Magi noch afgoden
toelaten kan tot de heilige schoot
waaruit ze Frya baarde.

ÉVIN SA THET WILDE HORS SINA MANNA SKED.
NÉI THAT HETH SINA RIDDER GERS.FALLICH MAKAD HETH.
ÉVIN SA SKEDDE JRTHA HJRA WALDA AND BERGA.
RIN.STRAMA WRDON OVIRA FJELDA SPRÉD.
SÉ KOKADE.

Zoals het wilde paard zijn manen schud

nadat het zijn rijder grasvallig gemaakt heeft,
zo schudde Jrtha haar wouden en bergen.
Reinstromen werden over de velden gespreid.
Zee kookte.

BERGA SPYDON NÉI THA WOLKUM
AND HWAD HJA SPYTH HÉDE.
SWIKTON THA WOLKA WITHER VP JRTHA.

Bergen spuwden naar de wolken

en wat ze gespuwd hadden,
zwikten de wolken weer op Aarde.

BY T.ANFANG THERE ARNE MONATH
NIGADE JRTHA NORTHWARD
HJU SÉG DEL.
OL LÉGOR AND LÉGOR.

Bij het aanvang der Arnemaand (oogstmaand, augustus)

neigde Aarde noordwaarts.
Ze zeeg neer,
al lager en lager

ANNA WOLFA.MONATH
LÉIDON THA DÉNE MARKA FON FRYA.S LAND
VNDER NE SÉ BIDOBBEN.
THA WALDA THÉR BYLDA IN WÉRON
WRDON VPHIVATH AND THÉR WINDUM SPEL.

Aan de Wolvenmaand (wintermaand, december)

lagen de Denemarken van Fryasland
onder een zee bedolven.
De wouden waar beelden in waren
werden opgeheven en der winden spel.

THET JÉR AFTER KÉM FROST INNA HERDE MONATH
AND LÉID OLD FRYA.S.LAND VNDER EN PLONKE SKUL.
IN SELLA MONATH
KÉM STORNE.WIND {116} UT.ET NORTHA WÉI.
MITH FORANDE BERGA FON ISE AND STÉNUM.

Het jaar daarna kwam vorst in de Herdemaand (louwmaand, januari)

en legde oud-Fryasland onder een plank (ijsplaat) verscholen.
In de Sellemaand (sprokkelmaand, februari)
kwam stormwind vanuit het noorden,

meevoerend bergen van ijs en stenen.

THA SPRING KÉM
HIF JRTHA HJRA SELVA VP.
ISE SMOLT AWÉI.
EBBE KÉM
AND THA WALDA MITHA BYLDUM DRÉVON NÉI SÉ.
INNER WINNA JEFTHA MINNA MONATH
GVNG AIDER THURVAR WITHER HÉM.FARA.

Toen lente kwam

hief Aarde zichzelf op.
IJs smolt weg,
eb kwam.
En de wouden met beelden dreven naar zee.
In de Winne- of Minnemaand (bloeimaand, mei)
ging iedere durver weer naar huis varen.

IK KÉM MITH EN FAM TO THÉRE BURCH LJUDGARDA.
HO DROVE SACH ET UT.
THA WALDA THÉRA LINDA WRDA WÉRON MÉST WÉI.
THÉR THA LJUDGARDA WÉST HÉDE WAS SÉ.
SIN HEF FÉTERE THENE HRING.DIK.

Ik kwam met een Fam (Wiljo) bij de burcht Ljudgarda.

Hoe droef zag het eruit.
De wouden der Linda-oorden waren meest weg.
Waar de Ljudgarda geweest was, was zee.
Zijn golven geselden de ringdijk.

ISE HÉDE THA TORE WÉIBROCHT
AND THA HUSA LÉIDE INTHRVCH EKKORUM.
ANNA HELDE FONNA DIK FAND IK EN STÉN.
VSA SKRIVER HÉD.ER SIN NOM IN.WRYTEN.
THAT WÉRE MY EN BAKEN.

IJs had de toren weggemaakt

en de huizen lagen door elkaar heen.
Aan de voet van de dijk vond ik een steen.
Onze schrijver had er zijn naam in gekerfd.
Dat was voor mij een baken.

SA.T MITH VSA BURCH GVNGEN WAS.
WAST MITH MITHA ORA GVNGON.
INNA HAGA LANDA WÉRON HJA THRVCH JRTHA.
INNA DÉNA LANDA THRVCH WÉTER VRDÉN.

Zoals met onze burcht,

was het met de andere gegaan.
In de hoge landen waren ze door aarde,
in de lage landen door water verdaan.

ALLÉNA FRYA.S BURCH TO TEXLAND
WARTH VNEDÉRAD FVNDEN.
MEN AL ET LAND THET NORTHWARD LÉID HÉDE
WÉRE VNDER SÉ.
NACH NIST NAVT BOPPA BROCHT.

Alleen Fryasburch te Texland

werd ongedeerd gevonden,
maar al het land dat noordwaards gelegen had
was onder zee.
Noch is het niet boven gebracht.

AN THAS KAD FONT FLIMARE WÉRON
NÉI MELD WRDE
THRITTICH SALTA MARA KVMEN.
VNSTONDEN THRVCH THA WALDA
THÉR MITH GRVND AND AL VRDRÉVEN WÉRON.
TO WEST.FLI.LAND FIFTICH.

Aan de kade van het Flimare waren

- naar gemeld werd -
dertig zoute meren gekomen,
ontstaan door de wouden
die met grond en al verdreven waren;
in West-Fliland vijftig.

THI GRAFT THÉR FONT ALDERGA
THWERES TO THET LAND THRVCH HLAPEN HÉDE.
WAS VRSONDATH AND {117} VRDÉN. ~
THA STJURAR AND OR FARANDE FOLK.
THÉR TO HONK WÉRON.
HÉDE HJARA SELVA MITH MAGA AND SIBBA
VPPIRA SKEPUM HRET.

De gracht die van het Alderga

dwars door het land gelopen had,
was verzand en verdaan.
De Sturen en ander varend volk,
die thuis waren,
hadden zichzelf met magen en sibben (naasten en familie)
op hun schepen gered.

MEN THAT SWARTE FOLK
FON LYDA.BURCH AND ALIKMARUM
HÉDE ALÉN DÉN.
THAWIL THA SWARTA SUDWARD DRYVON
HÉDON HJA FÉLO MANGÉRNE HRET
AND NÉIDAM NIMMAN NE KÉM TO ASKA THAM
HILDON HJA THAM TO HJARA WIVA.

Maar het zwarte volk

van Lydaburch and Alikmarum
had evenzo gedaan.
Terwijl de zwarten zuidwaarts dreven,
hadden ze vele meisjes gered
en omdat naderhand niemand hen kwam vragen,
hielden ze hen als hun vrouwen.

THA MANNISKA THÉR TO BEK KÉMON
GVNGON ALLE BINNA THA HRING.DIKA THÉRA BURGUM HÉMA.
THRVCHDAM ET THÉRBUTA AL SLYP AND BROKLAND WÉRE.
THA GAMLA HUSA WRDE BY ÉN KLUST.

De mensen die terug kwamen,

gingen alle binnen de ringrijken der burgen wonen,
omdat het daarbuiten alles slib- en broekland was.
De oude huizen werden bijeen geklust.

FONA BOPPA LANDUM KAPADE MAN KY AND SKÉP
AND INNA THA GRATE HUSA
THÉR TOFARA THA FAMNA SÉTEN HÉDE.
WRDE NW LÉKEN AND FILT MAKAD.
VMB THES LÉVENS WILLA.
THAT SKÉD 1888 JÉR
NÉI THAT ATLAND SVNKEN WAS.

Van de bovenlanden kocht men koeien en schapen

en in de grote huizen,
waar tevoren de Famna gezeten hadden,
werden nu lakens en vilt gemaakt,
om des levens wille.
Dat geschiedde 1888 jaar
nadat Atland gezonken was.

~  ~  ~  ~  ~  ~

IN 282 JÉR
NÉDON WI NÉN ÉRE.MODER NAVT HAT
AND NW ELLA TOMET VRLÉREN SKINDE
GVNG MAN ÉNE KJASA.

In 282 jaar

hadden we geen Eremoeder gehad
en nu alles bijna verloren scheen
ging men er een kiezen.

THET HLOT FALDE VP GOSA TO NOMATH MAKONTA.
HJU WÉRE BURCHFAM ET FRYA.S BURCH TO TEX.LAND.
HEL FON HAWED AND KLAR FON SIN
ÉLLE GOD
AND THRVCHDAM HJRA BURCH ALLÉNA SPARAD WAS
SACH ALRIK THÉR UT HJRA HROPANG.

Het lot viel op Gosa toegenaamd Makonta.

Zij was Burchfam op Fryasburch te Texland,
hel (licht) van hoofd en klaar (helder) van zin,
heel goed,
en doordat haar burcht alleen gespaard was,
zag ieder daaruit haar roeping.

TJAN JÉR LÉTTERE
KÉMON THA STJURA FON FOR.ANA AND FON LYDABURCH.
HJA WILDON THA SWARTA MANNISKA
MITH WIF AND BERN TO THET LAND UTDRIVA.
THÉRWR {118} WILDON HJA THÉRE MODER.IS RÉD BIWINNA.

Tien jaar later

kwamen de Sturen van Forana en Lydaburch.
Ze wilden de zwarte mensen
met vrouw en kinderen het land uitdrijven.
Daarover wilden ze raad van de Moeder bewinnen.

MEN GOSA FRÉJE.
KANST ÉN AND OR
TOBEK FORA NÉI HJRA LANDUM
THAN ACHSTE SPOD TO MAKJANDE.
OWERS NE SKILUN HJA HJARA MAGA NAVT WITHER NE FINDA.
NÉ SÉIDE HJA.

Maar Gosa vroeg:

"Kun je een en ander
terug voeren naar hun landen,
dan moet je spoed maken.
Anders zullen ze hun naasten niet weervinden."
"Nee", zeiden ze.

THA SÉIDE GOSA.
HJA HAVON THIN SALT PROVAD
AND THIN BRAD ÉTEN.
HJARA LIF AND LÉVA HAVON HJA VNDER JOW HOD STALAD.
I MOSTE JOW AJNE HIRTA BISÉKA.
MEN IK WIL THI EN RÉD JEVA.

Toen zei Gosa:

"Ze hebben jouw zout geproefd
en jouw brood gegeten.
Hun lijf en leven hebben ze onder jouw hoede gesteld.
Je moet je eigen hart bezoeken.
Maar ik wil je een raad geven."

HALD HJAM ALOND JOW WALDICH BISTE
VMRA WITHER HONK TO FORA.
MEN HALD HJAM BI JOW BURGUM THÉR BUTA.
WAK OVIR HJARA SÉD
AND LÉR HJAM
AS JEF HJA FRYAS.SVNA WÉRE.

"Houdt hen totdat je bij machte bent

om ze weer naar huis te voeren,
maar houdt hen buiten jouw burgen.
Waak over hun zeden
en leer hen
alsof ze Fryaszonen waren."

HJRA WIVA SEND HIR THA STERIKSTA.
AS RÉK SKIL HJARA BLOD VRFLJUCHTA.
TIL ER TO THA LESTA NAVT OWERS AS FRYA.S BLOD
IN HJARA AFTERKVMANDE SKIL BILIWA.
SA SEND HJA HIR BILÉWEN.

"Hun vrouwen zijn hier de sterksten.

Als rook zal hun bloed vervluchten,
tot er tenslotte niet anders als Fryas bloed
in hun nakomenden zal blijven."
Zo zijn ze hier gebleven.

NW WINSTIK WEL
THAT MINA AFTERKVMANDA THÉRVP LETTA.
HO FÉR GOSA WÉRHÉD SPREK.

Nu wenste ik wel

dat mijn nakomenden daarop letten,
hoe ver Gosa waarheid sprak.

THA VSA LANDA WITHER TO BIGANA WÉR
KÉMON THÉR BANDA ERMA SAXMANNA AND WIVA
NÉI THA WRDUM FON STAVERE AND THAT ALDERGA.
VMBE GOLDEN AND ORA SIARHÉDA
TO SÉKANE FONUT THA WASIGE BODEME.

Toen onze landen weer te begaan waren

kwamen er bendes arme Saxmannen met vrouwen
naar de oorden van Stavere en het Alderga,
om gouden en andere sierheden
te zoeken vanuit de drassige bodem.

THACH THA STJURAR NILDO HJA NAVT TO LÉTA
THA GVNGON HJA THA LÉTHOGA THORPA BIHÉMA TO WEST FLILAND.
VMBE RA LIF TO BIHALDANE.

Doch de Sturen wilden hen niet toelaten.

Toen gingen ze de ledige dorpen bewonen te West-Fliland,
om hun lijf te behouden.

~ ~ ~

NW WIL IK SKRIVA
HO THA GÉRT.MANNA {119}
AND FÉLO HÉLÉNJA FOLGAR TOBEK KÉMON.

Nu wil ik schrijven

hoe de Gertmannen
en vele Helenja volgers terug kwamen.

TWA JÉR NÉITHAT GOSA MODER WRDE.
KÉM.ER EN FLATE TO THET FLIMARE INFALA.
THET FOLK HROPTE. HO.N.SÉEN.


Twee jaar nadat Gosa moeder werd
kwam er een vloot het Flimare invallen.
Het volk riep "hoe een zegen!"

HJA FORON TIL STAVERE
THÉR HROPTON HJA JETA RÉIS.
THA FONA WÉRON AN TOP
AND THES NACHTES SKATON HJA BARN.PILA ANDA LOFT.
THA DÉI RÉD WÉRE
ROJADON SVME MITH EN SNAKE TO THÉRE HAVA IN.
HJA HROPTON WITHER HO.N. SÉEN.

Ze voeren tot Stavere.

Daar riepen ze nog eens.
De vanen waren aan top
en des nachts schoten ze vuurpijlen in de lucht.
Bij dageraad
roeiden sommigen met een snik (sloep) de haven binnen.
Ze riepen weer "hoe een zegen!"

THA HJA LANDA HIPTE.N JONG KERDEL WAL VP.
IN SINA HANDA HÉDI.N SKILD.
THÉRVP WAS BRAD AND SALT LÉID.
AFTERDAM KÉM EN GRÉVA.
HI SÉIDE

Toen ze landden hipte een jonge kerel aan wal.

In zijn handen had hij een schild.
Daarop was brood en zout gelegd.
Nadien kwam een Greva.
Hij zei:

WI KVMATH FONA FÉRE KRÉKA.LANDUM WÉI.
VMB VSA SÉD TO WARJANDE.
NW WINSTATH WI
J SKOLDE ALSA MILD WÉSA
VS ALSA FUL LAND TO JÉVANE
THAT WI THÉRVP MUGE HÉMA.

"Wij komen van de verre Krekalanden weg

om onze zeden te bewaren.
Nu wensten wij
dat u zo mild zoude wezen
ons zoveel land te geven
dat wij daarop kunnen wonen."

HI TELADE.N ÉLE SKÉDNESE.
THÉR IK AFTER BÉTRE SKRIVA WIL.
THA GRÉVA NISTON NAVT HWAT TO DVANDE.
HJA SANDON BODON ALLERWÉIKES.
AK TO MY.
IK GVNG TO AND SÉIDE.

Hij vertelde een hele geschiedenis

die ik later beter schrijven wil.
De Graven wisten niet wat te doen.
Ze zonden allerwegen boden,
ook naar mij.
Ik ging erheen en zei:

NW WI.N MODER HAVE
AGON WI HJRA RÉD TO FRÉJANDE.
IK SELVA GVNG MITHA.
THJU MODER THÉR ELLA AL WISTE. SÉIDE

"Nu we een Moeder hebben

dienen we haar raad te vragen."
Ik zelf ging mee.
De Moeder, die alles al wist, zei:

LÉT HJA KVME
SA MUGON HJA VS LAND HELPA BIHALDA.
MEN NE LÉT HJAM NAVT VP ÉNE STÉD NE BILIVA
TIL THJU HJA NAVT WELDICH NE WRDE OVIR VS.
WI DÉDON AS HJU SÉID HÉDE.
THAT WÉRE ÉL NÉI HJRA HÉI.

"Laat ze komen.

Zo kunnen ze ons land helpen behouden.
Maar laat ze niet op een plaats blijven,
opdat ze niet machtig worden over ons."
We deden als ze gezegd had.
Dat was geheel naar hun zin.

FRYSO RESTE MITH SINA LJUDUM TO STAVERE
THAT HJA WITHER {120} TO ÉNE SÉ.STÉDE MAKADE
SA GOD HJA MACHTE.
WICH.HIRTE GVNG MITH SINUM LJUDUM
ASTWARD NÉI THERE É.MUDA.

Friso bleef met zijn lieden te Stavere,

dat ze weer tot een zeestad maakten,
zo goed ze konden.
Wichhirte ging met zijn lieden
oostwaarts naar de Eemond.

SVME THÉRA JOHNJAR THÉR MÉNDE
THAT HJA FON.T ALDERGA FOLK SPROTEN WÉRE
GVNGEN THÉR HINNE.
EN LITH DÉL THÉR WANDE
THAT HJARA ÉTHLA FON THA SJVGON É.LANDA WEI KÉMON.
GVNGON HINNE AND SETTON HJARA SELVA
BINNA THA HRING.DIK FON THÉRE BURCH WALHALLA.GARA DEL.

Sommige der Joniers, die meenden

dat ze van het Alderga volk gesproten waren,
gingen daarheen.
Een klein deel, dat waande
dat hun voorouders van de zeven eilanden wegkwamen,
gingen heen en zetten zichzelf
binnen de ringdijk van de burcht Walhallagara neer.

No comments:

Post a Comment